Gerard Prickaerts

Hij dronk thee met ambassadeurs, werd ooit opgepakt door de ME en voerde op zijn werk tussen twee klanten door gesprekken met de Syrische geheime dienst. Voor Maastrichtenaar Gerard Prickaerts is niks te gek. 'Je kunt veel meer doen als je veel minder voor onmogelijk houdt.'

© Jorn van Eck / Amnesty InternationalDat hij lid werd van Amnesty heeft hij eigenlijk aan een vriend te danken. Op 10 december 1984 ging hij op diens aandringen mee naar een schrijfochtend in Maastricht, die plaatsvond in het kader van de jaarlijkse vastenactie. Die stond dat jaar in het teken van de Filipijnen, waar dictator Ferdinand Marcos met harde hand het land regeerde. Iedereen kreeg een naam van een politieke gevangene en schreef die een brief. De Filipijnse verzetsstrijdster voor wie hij toen schreef, Milleth Soriano, is nu zijn vrouw. Na die ene brief volgden er nog vele andere. Drie jaar heeft Soriano uiteindelijk vastgezeten, totdat ze in 1985 onverwacht werd vrijgelaten. 'Ik had het levende bewijs dat die brieven dus werken. Toen ben ik meteen lid geworden van Amnesty', aldus Gerard Prickaerts (49). We zitten aan de eettafel in hun Maastrichtse appartement. Zijn vrouw luistert op de achtergrond mee.


De Filipijnen lopen als een rode draad door zijn leven. Prickaerts bezocht het land meerdere malen en was zes jaar Amnesty's landenspecialist voor de Filipijnen. Met een Amnesty-rapport onder z'n arm, maar zonder enige juridische achtergrond, ging hij halvewege de jaren negentig op de thee bij Filipijnse parlementsleden. Het was in de tijd dat de doodstraf in de Filipijnen opnieuw werd ingevoerd en hij kwam namens Amnesty zijn zorgen kenbaar maken. Vervolgens ging hij langs bij de voorzitster van de regeringscommissie voor mensenrechten. 'Ze keek zeer geïrriteerd toen ik langskwam', vertelt Prickaerts. 'Ze vroeg me waarom Amnesty zich bemoeide met interne aangelegenheden. Maar dat rapport lag wel mooi bij haar op tafel! Uiteindelijk kreeg het bezoek een positieve wending. Aan het einde van het gesprek zei zij dat ze eigenlijk ook tegen de doodstraf was. Een paar maanden later is er toen een moratorium ingevoerd.' Hij glundert. 'Zo blijkt maar: je kunt veel meer doen als je veel minder voor onmogelijk houdt.'

Prickaerts: 'Tijdens mijn bezoeken aan de Filipijnen heb ik gemerkt wat de organisatie betekent. De naam Amnesty maakt in veel landen grote indruk. De onpartijdigheid en de onafhankelijkheid is ongelooflijk belangrijk. Amnesty heeft heel goed gedocumenteerde rapporten, checkt alles zeer nauwkeurig en springt niet meteen op de barricades. Landen zijn er heel beducht voor een slechte naam te krijgen. En ook al lijkt het vaak niet zo, Amnesty-rapporten worden wel degelijk gelezen.' Toch beleefde Prickaerts ook minder memorabele momenten. Zo was hij nauw betrokken bij de acties voor de Iraans-Nederlandse activist Abdullah al-Mansouri, die in 2006 in Syrië werd gearresteerd. Al-Mansouri werd kort daarna uitgeleverd aan Iran, waar hij sindsdien gevangen zit. Sinds september 2010 heeft de familie, waar Prickaerts nog bijna wekelijks contact mee heeft, niets meer van hem vernomen. Net als hij zelf was Al Mansouri actief in de Maastrichtse Amnesty-groep. 'Ik stond net op het punt mijn activiteiten voor Amnesty wat terug te schroeven toen dit gebeurde. Toen liep alles anders. Ik kon Abdullah natuurlijk niet in de steek laten.'


Prickaerts werd gebombardeerd tot woordvoerder en vergezelde onder meer de Amnesty-delegatie die, een maand na Al-Mansouri's arrestatie, een bezoek bracht aan de Syrische ambassadeur in Den Haag. Een door hem georganiseerde demonstratie voor de ambassade werd hem kort daarvoor vriendelijk doch dringend ontraden door de Syrische geheime dienst. 'Zat ik in de boekhandel waar ik werk tussen twee klanten door telefoongesprekken te voeren met de geheime dienst. Dat was toch wel erg spannend', aldus Prickaerts.
De verdwijning van Al-Mansouri heeft grote impact gehad op de Amnesty-groep in Maastricht. En nog steeds. 'We zijn als groep een beetje gegijzeld. We proberen een gewone Amnesty-groep te blijven, maar dat zijn we niet.'

Sinds een tijdje is Prickaerts ook actief scholenwerker. 'Dat je je idealen kunt delen met een jongere generatie, dat inspireert me.' En die extra tijd die het hem kost, heeft hij er graag voor over.
Hij had van tevoren nooit kunnen denken dat Amnesty zo'n belangrijk deel van zijn leven zou worden. Door een reeks toevalligheden is het zover gekomen. 'Op een gegeven moment kun je het niet meer loslaten. Dat klinkt belemmerend maar dat is het beslist niet. Amnesty is mijn leven.' En dan, relativerend: 'Maar ja, er zijn natuurlijk leukere hobby's.'

Gerard Prickaerts (17 november 1961), Maastricht, medewerker boekhandel, Amnesty-lid sinds 1985.

DISCLAIMER
Bovenstaande getuigenis bevat persoonlijke verhalen, meningen en belevingen van de geïnterviewde. Het betreft hier dus niet een door Amnesty onderzochte case.