Constantin Noica & Liu Xiaobo

Sinds 1961 voerde Amnesty International actie voor honderdduizenden mensen. Hieronder zetten we er twee naast elkaar: een uit de beginjaren en een uit de recente Amnesty-geschiedenis.

Constantin Noica, geboren in 1909, een Roemeense filosoof, schrijver, dichter, docent, bibliothecaris en uitgever, was een man van een brede belangstelling en enorme kennis. Hij schreef over kennisleer, cultuurfilosofie, antropologie, geschiedenis, ethiek, literatuur en soms over politiek. 'Ik ben een handelaar in ideeën', zei hij. 'Wat me drijft is het besef dat je als je in de grote wereld belandt, je innerlijke beperkingen pijnlijker zijn dan wat je van buitenaf beperkt.' Hij studeerde in Parijs en daarna in Berlijn, ten tijde van Hitlers regime. Hij was echter geen sympathisant van het fascisme, zoals sommigen van zijn Roemeense collega's. In 1944 keerde hij naar Roemenië terug, terwijl juist toen beroemdheden als mythologiekenner Mircea Eliade en toneelschrijver Eugen Ionescu emigreerden. In 1949 legde het regime hem tien jaar stadsarrest op in Câmpulung-Muscel, een historische plaats in de heuvels van centraal-Roemenië. Toen hij in 1958 het werk van een omstreden filosoof uitgaf, werd hij veroordeeld tot 25 jaar dwangarbeid. In 1961, toen Amnesty aandacht voor zijn zaak vroeg, zat hij  in de Jilava-gevangenis, een oud fort nabij Boekarest waar veel hooggeplaatsten eerder geëxecuteerd waren. Hij kwam vrij bij een algehele amnestie in 1964. Omdat hem bij zijn arrestatie al zijn bezittingen waren afgenomen, moest hij leven van lessen die hij in zijn piepkleine appartement aan particulieren gaf. Hij overleed eind 1987. Het jaar daarop werd hij postuum gerehabiliteerd. In 1990 gaf de zojuist aangetreden democratische regering hem het postume lidmaatschap van de Roemeense Academie, de hoogste onderscheiding voor wetenschappelijke verdiensten.

 

In 2010 ging de Nobelprijs voor het eerst naar een inwoner van de Volksrepubliek China. Maar helaas voor het regime was dat Liu Xiaobo, een 55-jarige dissidente filosoof, schrijver, dichter, docent en uitgever. Het nieuws over de toekenning van de Nobelprijs werd hem overgebracht door zijn bewakers in de gevangenis van Jinzhou in het noordoosten van China, waar hij een gevangenisstraf uitzit. In tranen vertelde Liu dat hij zijn prijs opdraagt aan de slachtoffers van 1989. Dat jaar werd op het Plein voor de Hemelse Vrede in Peking op 4 juni een protest voor democratische hervormingen in bloed gesmoord. Liu werd voor het eerst opgepakt toen hij op het plein steun gaf aan de studenten. Hij bracht anderhalf jaar in de gevangenis door. Daarna begon hij aan een grootschalig opinieonderzoek. Hij constateerde dat 'China een groot amusementspark is geworden waarin men zich richt op een middelmatigheid die waarschijnlijk nergens in de wereld z n geliijke kent: ... Misschien zllen we op een dag democratie en vrijheid hebben, maar tegen die tijd zullen we geen ziel meer hebben.' In 1996 kwam hij vanwege zijn kritiek voor drie jaar in een werkkamp terecht. Na zijn vrijlating ging Liu onverdroten door. Hij was een van degenen die de tekst opstelde van Charta 08, een manifest dat in 2008 opriep tot een nieuwe grondwet met bescherming van de mensenrechten. De open brief begon met driehonderd ondertekenaars, weldra waren het er tienduizend. Op de dag van publicatie werd Liu thuis opgehaald. Pas in december 2009, werd hij formeel aangeklaagd wegens het 'aanzetten tot omverwerping van de staat'. Precies een jaar later kreeg hij een proces. Daarin verwierp hij alle beschuldigingen, maar prees hij zijn aanklagers en bewakers voor hun 'menselijkheid'. Het vonnis: elf jaar gevangenisstraf. Talloze  schrijvers, regeringsleiders onder wie president Obama en Nobelprijswinnaars als Václav Havel en Desmond Tutu, hebben om zijn vrijlating gevraagd. Amnesty zet zich ook in voor zijn vrouwe, Liu Xia, die door de overheid wordt geïsoleerd.